De familie groeit en de paniek ook een beetje.

De familie groeit en de paniek ook een beetje.

Het is weer tijd voor een nieuwe update over 1000 Kleine Karakters. Een wekelijkse update lijkt me eigenlijk wel een goed idee. Niet omdat ik nu ineens een strak contentplan heb, maak je geen zorgen. Maar omdat dit project groeit terwijl ik ermee bezig ben. En als ik te lang wacht met vertellen, staat er ineens een hele familie op de plank waarvan niemand weet hoe ze daar gekomen zijn.

En een beetje support en aanmoediging van jullie kan ook geen kwaad. Ja ja, ik vraag er gewoon om. Schaamteloos. Dus als je denkt: Rienke, ga door, je kunt dit, die 100 komen er wel!!! Stuur het vooral. Ik zal doen alsof ik heel zelfstandig en professioneel ben, maar ondertussen helpt het natuurlijk gewoon.


Dus hierbij: de status van het project. En ja, soms word ik een beetje nerveus. Haal ik 26 september wel? Er zijn nu 28 Kleine Karakters helemaal af. Eén grote staat op dit moment in het glazuur in de oven. En er staan er 11 te drogen voor de eerste biscuitbak. Dus in mijn hoofd denk ik dan: bijna 40. Dat klinkt best veel, maar bijna 40 is natuurlijk nog niet echt bijna 40. Want 40 gemaakt is niet hetzelfde als 40 helemaal af. En dan tel ik voor het gemak de mislukkingen nog niet eens mee. Tot nu toe zijn er twee Kleine Karakters gesneuveld. Of nou ja, gesneuveld… er zijn vooral oren afgebroken. Dat klinkt misschien klein, maar geloof me: als je een familie van klei probeert te bouwen, zijn oren ineens heel belangrijk.

Eén van hen heet inmiddels in mijn hoofd natuurlijk al Toos Oorloos. Of ze echt mislukt is, weet ik eigenlijk nog niet. Misschien hoort ze er juist gewoon bij. Ook families hebben tenslotte altijd wel iemand met een verhaal.

Ze moeten nog door de oven, door het glazuur, soms nog een keer door de oven, en daarna moeten ze allemaal nog een naam krijgen. En een karakteromschrijving.

En dat laatste is misschien wel het leukste om te doen, maar het is niet alsof ik een wondermachine ben die zomaar 40 karakters uit mijn mouw schudt.

Was het maar zo. Deze karakters ontstaan in mijn hoofd doordat ik dingen meemaak. Doordat ik mensen ontmoet. Doordat ik iets hoor, iets zie, iets voel. Ik schrijf zinnen en quotes op in een schriftje, soms midden in de dag, soms vlak voordat ik eigenlijk zou moeten slapen. En later ontstaan daar nieuwe karakters uit. Sommige zijn er ineens. Andere moeten nog even rondlopen in mijn hoofd voordat ik weet wie ze zijn.

En dan zijn er dus straks bijna 40 onderweg, maar moeten er ook nog ongeveer 60 gemaakt worden. En Dat Is Veel.

Niet onmogelijk, maar wel veel.

Zeker omdat het ook gewoon zomer wordt. En zomervakantie. En ik ergens tussendoor ook nog op vakantie ga. Want (heel gek) gaat het gewone leven ook gewoon door tijdens een groot klein project. Maar misschien is dat ook precies hoe het moet. Want op vakantie kunnen ook weer nieuwe verhalen ontstaan. Nieuwe zinnen. Nieuwe mensen. Nieuwe blikken. Nieuwe kleine eigenaardigheden die later ineens in klei terechtkomen.

Dus zie ik het nog zitten? Ja!
Krijg ik het soms nerveus? Ook ja!


En dan nog iets…
Ik heb nog geen locatie voor de presentatie van de eerste 100 Kleine Karakters.
Ja, je dacht misschien van wel. Ik kwam natuurlijk lekker zelfverzekerd over met: “Zet 26 september maar in je agenda, locatie in Rotterdam volgt nog.” Maar die locatie in Rotterdam is er dus nog niet.

Zonder bluf is het leven suf.

Maar mocht je nu denken: hé, ik weet een fijne plek in Rotterdam waar 100 Kleine Karakters samen even familie kunnen zijn, laat het me vooral weten. Een plek waar ze kunnen staan. Waar mensen even kunnen komen kijken. Waar het klein mag zijn, maar wel bijzonder voelt.

Dan duik ik nu mijn studio weer in. Verder met mijn gigantisch gezellige familie van klei. Waar de temperatuur gelukkig iets gezakt is, zodat mijn klei niet meer binnen tien minuten doet alsof hij al drie weken op de vensterbank ligt.

Wordt vervolgd….

Terug naar blog

Reactie plaatsen